Nooduitgang pictogram: wat zegt de wetgeving?

24 augustus 2026
pictogram nooduitgang wetgeving

Een duidelijk nooduitgang pictogram helpt mensen om tijdens een calamiteit snel de juiste vluchtroute te vinden. Daarom gelden er in Nederland eisen voor de aanwezigheid, uitvoering, plaatsing en zichtbaarheid van vluchtrouteaanduidingen. Maar welk pictogram moet je gebruiken? Wanneer is een vluchtrouteaanduiding verplicht en welke eisen gelden voor de verlichting? In dit artikel leggen we uit wat de wetgeving zegt en waar je bij een nooduitgang pictogram op moet letten.

Welk pictogram gebruik je bij een nooduitgang?

Een nooduitgang wordt aangeduid met een duidelijk herkenbaar veiligheidsteken. Het bekende groene pictogram met het witte rennende mannetje en een richtinggevende pijl maakt duidelijk waar iemand naartoe moet om het gebouw veilig te verlaten. Voor vluchtrouteaanduidingen gelden in Nederland onder andere de eisen uit NEN 3011. Deze norm verwijst voor de gebruikte veiligheidstekens naar NEN-EN-ISO 7010. Hierdoor zijn de pictogrammen voor veel mensen herkenbaar, ook wanneer zij de taal van het land niet spreken. In een noodsituatie is die herkenbaarheid belangrijk. Mensen moeten zonder uitgebreide uitleg kunnen begrijpen waar de vluchtroute en nooduitgang zich bevinden.

Lees hier meer over de nieuwe wetgeving rondom brandveiligheid.

Waarom is een nooduitgang pictogram belangrijk?

De veiligheid van medewerkers en bezoekers staat bij een ontruiming voorop. Medewerkers kennen een gebouw vaak beter dan bezoekers, terwijl bezoekers tijdens een calamiteit snel de juiste uitgang moeten kunnen vinden. Daarom zijn duidelijke vluchtrouteaanduidingen belangrijk. Ze geven aan welke route iemand moet volgen en waar een uitgang of nooduitgang zich bevindt. De vluchtroute moet daarbij niet alleen goed worden aangegeven, maar ook vrij en bruikbaar blijven.

Onderdeel van een vluchtroute

Nooduitgangsborden maken deel uit van de totale vluchtroute. Deze route wordt onder andere meegenomen in het ontruimingsplan. Welke voorzieningen nodig zijn, hangt samen met het gebouw, het gebruik ervan en het aantal aanwezige personen. Een veilige vluchtroute moet onder andere:

  • Duidelijk worden aangegeven
  • Goed bereikbaar en bruikbaar zijn
  • Vrij zijn van obstakels die het vluchten belemmeren
  • Leiden naar een veilige plaats
nooduitgang bordje gangend in een gang

De wetgeving: welke eisen gelden in 2026?

De eisen voor vluchtrouteaanduiding zijn opgenomen in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl). Volgens het Bbl moet in een ruimte waardoor een verkeersroute voert en in ruimten die bestemd zijn voor meer dan 50 personen een vluchtrouteaanduiding aanwezig zijn. Deze moet voldoen aan NEN 3011. Sinds 1 juli 2026 zijn de regels voor vluchtrouteaanduiding in het Bbl op een belangrijk punt aangepast. De eerdere verwijzing naar artikel 5.4.5 van NEN-EN 1838 voor de zichtbaarheidseisen is vervallen. De minimale periode waarin de aanduiding bij stroomuitval zichtbaar moet blijven, staat nu rechtstreeks in het Bbl.

Gebruik erkende pictogrammen

Een nooduitgang pictogram moet herkenbaar zijn en aansluiten op de geldende normen. NEN 3011 geeft voorschriften voor veiligheidskleuren en veiligheidstekens en verwijst voor de gebruikte symbolen naar NEN-EN-ISO 7010. Gebruik daarom geen zelfgemaakt of onduidelijk symbool. Een gestandaardiseerd veiligheidsteken zorgt ervoor dat mensen de betekenis snel herkennen.

Zorg voor voldoende zichtbaarheid

Een nooduitgang pictogram heeft alleen nut als het vanaf de vluchtroute goed zichtbaar is. Het Bbl schrijft voor dat de aanduiding op een duidelijk waarneembare plaats moet zijn aangebracht. Let daarbij ook op obstakels. Een bord dat achter een deur, muur, gordijn of ander object verscholen zit, is tijdens een ontruiming niet goed bruikbaar.

Wat verandert er sinds 1 juli 2026?

De belangrijkste wijziging is dat de regels voor de zichtbaarheid bij stroomuitval anders zijn vastgelegd. Een vluchtrouteaanduiding moet volgens het actuele Bbl:

  • Op een duidelijk waarneembare plaats zijn aangebracht;
  • Binnen 15 seconden na het uitvallen van de elektriciteit aan de vereiste zichtbaarheid voldoen;
  • Deze zichtbaarheid vervolgens minimaal 60 minuten behouden.

Dit betekent niet dat ieder nooduitgang pictogram automatisch een intern verlicht armatuur moet zijn. Ook een pictogramsticker kan in bepaalde situaties voldoen, bijvoorbeeld wanneer deze voldoende wordt aangelicht.

Verlichting en noodverlichting

Een vluchtrouteaanduiding en noodverlichting zijn niet hetzelfde. Een pictogram geeft aan waar je naartoe moet, terwijl noodverlichting ervoor zorgt dat de vluchtroute zelf bij stroomuitval voldoende verlicht blijft. Voor bepaalde ruimten schrijft het Bbl noodverlichting voor. Zo moet onder andere een verblijfsruimte voor meer dan 75 personen en een ruimte waardoor een vluchtroute vanuit die verblijfsruimte voert, over noodverlichting beschikken. Ook voor ruimten waardoor een beschermde vluchtroute voert, gelden eisen. De voorgeschreven noodverlichting moet binnen 15 seconden na het uitvallen van de elektriciteit gedurende minimaal 60 minuten een verlichtingssterkte van ten minste 1 lux op de vloer en het tredevlak kunnen geven.

Meer informatie over het onderhoud van noodverlichting vind je bij noodverlichting.

Volg de volledige vluchtroute

Een nooduitgang pictogram moet niet alleen boven de uiteindelijke uitgang hangen. Op plaatsen waar de route minder duidelijk is, moet de bewegwijzering ervoor zorgen dat mensen weten welke richting ze moeten volgen. Het doel is dat iemand vanaf verschillende punten in het gebouw de juiste vluchtroute kan herkennen en uiteindelijk een veilige plaats kan bereiken.

De belangrijkste functies van een nooduitgang pictogram

Het belangrijkste doel van een nooduitgang pictogram is om mensen tijdens een calamiteit snel en veilig naar een uitgang te leiden. Het pictogram geeft aan waar de uitgang zich bevindt en, wanneer nodig, in welke richting iemand moet lopen. De gestandaardiseerde symbolen zorgen ervoor dat de betekenis voor veel mensen direct herkenbaar is. Dat is vooral belangrijk in openbare gebouwen en andere locaties waar bezoekers het gebouw niet goed kennen. Hoeveel nooduitgangen er in een gebouw nodig zijn, is afhankelijk van verschillende factoren, zoals het type gebouw en het gebruik ervan. Een duidelijke vluchtrouteaanduiding helpt daarnaast om verwarring tijdens een ontruiming te voorkomen.

Soorten en vormen

Een nooduitgang pictogram kan op verschillende manieren worden uitgevoerd. Veelvoorkomende varianten zijn:

  • Borden: een bord aan de wand of boven een deur om de uitgang of vluchtroute aan te geven.
  • Stickers: stickers kunnen worden gebruikt als vluchtrouteaanduiding wanneer deze voldoen aan de geldende eisen.
  • Verlichte vluchtrouteaanduiding: een pictogram op een verlicht armatuur, waardoor de aanduiding ook bij uitval van de normale verlichting zichtbaar kan blijven.

De exacte uitvoering hangt af van de situatie en de eisen die voor het gebouw gelden.

Veelgemaakte fouten bij een nooduitgang pictogram

Bij vluchtrouteaanduidingen kunnen verschillende fouten voorkomen. Denk bijvoorbeeld aan:

  • Een verkeerd of onduidelijk pictogram;
  • Een pijl die niet overeenkomt met de vluchtrichting;
  • Onvoldoende zichtbaarheid;
  • Ontbrekende vluchtrouteaanduiding;
  • Onvoldoende zichtbaarheid bij stroomuitval;
  • Een pictogram dat wordt afgedekt door objecten of decoratie.

Ook de vluchtroute zelf verdient aandacht. Een duidelijk nooduitgang pictogram heeft weinig waarde wanneer de route naar de uitgang wordt geblokkeerd. Er is extra aandacht voor brandgevaarlijke objecten in gemeenschappelijke vluchtroutes. Elektrische fietsen, scootmobielen, brandbaar meubilair, brandbare decoratie en afval mogen daar niet zomaar worden geplaatst.

Blijf up-to-date met je brandpreventie

Een goed geplaatst nooduitgang pictogram is een belangrijk onderdeel van een veilige vluchtroute. Controleer daarom regelmatig of de aanduidingen nog goed zichtbaar zijn, of de richting klopt en of de verlichting goed werkt. Let daarbij op de actuele eisen uit het Bbl. Sinds 1 juli 2026 gelden de aangepaste regels voor vluchtrouteaanduiding, waarbij de eisen voor de zichtbaarheid bij stroomuitval rechtstreeks in het Bbl zijn vastgelegd. NEN 3011 blijft de norm voor de vluchtrouteaanduiding. Wil je zekerheid dat jouw nooduitgangen en vluchtroutes goed zijn aangegeven?

Maak een afspraak met FireSpec. We komen graag bij je langs voor een inspectie en passend advies.